Publiek warmtenet vraagt een ondernemende overheid: 'Maak keuzes en denk in kansen'

Publiek warmtenet vraagt een ondernemende overheid: 'Maak keuzes en denk in kansen'
Aanleg van een warmtenet in Den Haag. Foto: ANP/Hollandse Hoogte/Laurens van Putten

Het is de vraag of de nieuwe Wet collectieve warmte ook echt voor een snellere aanleg van warmtenetten zal zorgen. Grote energiebedrijven haken af en bouwers zien te veel initiatieven stranden.

De energietransitie vraagt om nieuwe infrastructuur voor het transporteren van warmte uit nieuwe duurzame warmtebronnen, maar de aanleg van grotere warmtenetten ligt al jaren vrijwel stil. De business case is voor initiatiefnemers moeilijk rond te krijgen, het voortraject is vaak intensief en uiteindelijk worden projecten regelmatig geschrapt doordat financiering of garantstelling niet van de grond komt.

Er is wel een lichtpunt: aan de onzekerheid over de toekomst van warmtenetten lijkt binnenkort een eind te komen. De Tweede Kamer stemde in juli dit jaar eindelijk in met de Wet collectieve warmte, de langverwachte opvolger van de Warmtewet. Afhankelijk van de behandeling in de Eerste Kamer, kan de wet naar verwachting uiterlijk 1 januari 2027 in werking treden.

De wet bepaalt dat warmtebedrijven voortaan voor meer dan de helft in publieke handen moet komen om zodoende de publieke sturing op warmtebedrijven te vergroten. Tegelijkertijd verwacht de wetgever zo meer duidelijkheid te kunnen bieden over beprijzing van geleverde warmte en verantwoordelijkheid voor de productie en levering van warmte.

Niet meedoen

Maar komt daarmee de realisatie van warmtenetten dichterbij? Het lijkt er niet op dat de grote energiebedrijven Vattenfall, Eneco en Ennatuurlijk, die samen een meerderheid van de Nederlandse warmtenetaansluitingen exploiteren, geïnteresseerd zijn in nieuwe warmtenetten, zo valt te lezen in Cobouw. "Als private warmtebedrijven alleen een minderheidsbelang mogen hebben en daardoor hun risico’s niet kunnen beheersen, dan is dat voor aandeelhouders niet acceptabel”, denkt Wouter Verduyn, programmamanager bij Energie-Nederland, de branchevereniging van energiebedrijven. “In deze setting, dus met deze wetgeving, kunnen geen afspraken worden gemaakt over tarieven en dus de opbrengsten van een warmtenet. Dan zullen veel private warmtebedrijven gewoon niet meedoen. Ook pensioenfonds PGGM, eigenaar van Ennatuurlijk, heeft gezegd investeringen in nieuwe warmtenetten op deze manier niet te kunnen verantwoorden.”

De bepalingen over publieke deelnemingen hebben al grote gevolgen gehad. “Sinds toenmalig minister Jetten in 2022 de verplichte publieke deelneming onderdeel wilde maken van de nieuwe wet, is iedereen op zijn handen gaan zitten. Wij schatten dat sinds die tijd de realisatie van zo’n 450.000 aansluitingen op een warmtenet is gestopt. Dat is bijna de doelstelling van een half miljoen nieuwe aansluitingen in 2030.”

Met het terugtrekken van marktpartijen zijn er volgens Verduyn grofweg twee scenario’s voor de verdere uitrol van warmtenetten onder de nieuwe wetgeving. “De eerste is dat Den Haag snel doorpakt met het opkopen van de warmtebedrijven van Eneco, Ennatuurlijk en Vattenfall. Dat adviseerde verkenner Frans Rooijers, oud-directeur bij CE Delft, al eind vorig jaar in een rapport in opdracht van het ministerie van Klimaat en Groene Groei. Maar de Tweede Kamer heeft dat voor de zomer afgewezen. Het tweede scenario is dat de opschaling van warmtenetten geregeld moet worden door publieke eigenaren als gemeentelijke warmtebedrijven, netbeheerders, provincies en Energie Beheer Nederland, de beoogde Nationale Deelneming Warmte.”

Regierol

Maar zijn de overheden, met name gemeenten, klaar voor de regierol in het publieke initiatief voor warmtenetten? Volgens bouwers moet er nog het nodige verbeteren. Deze week pleitten Grondboorbedrijf Haitjema, Kersten Techniek en infrabouwer Roelofs Groep  samen in een opiniestuk (https://www.roelofsgroep.nl/opinie-zo-krijgt-nederland-warmte-die-werkt/) voor een betere samenwerking tussen overheden en marktpartijen, duidelijke regels en een eerlijke verdeling van de risico’s. Want daar schort het nog wel eens aan, stelt Danny Kemp, directeur Warmtetransitie bij Kersten Techniek. “Wij werken grofweg aan twee soorten installaties. De private, meestal kleinere collectieve installaties onder de 1500 aansluitingen, en publieke, vaak grotere projecten. Die eerste projecten zijn vaak relatief makkelijk en worden met grote regelmaat gerealiseerd. De publieke netten komen eigenlijk nauwelijks van de grond.”

Volgens Kemp maakt de grote hoeveelheid belanghebbenden een complex en kostbaar project nog moeilijker realiseerbaar. “Veel van deze projecten zijn initiatieven van energiecoöperaties of gasloos-projecten met een groot stakeholderveld, en waar flink wordt geleund op de expertise van marktpartijen, van ons dus. Maar als na veel werk het plan in de startblokken staat, het budget rond is en een financier wil meedoen, dan sneuvelt het plan in de gemeenteraad omdat de gemeente uiteindelijk geen garantstelling wil geven over het aantal aansluitingen.”

Uiteindelijk denken veel decentrale overheden nog te veel in risico’s en te weinig in kansen, en dat frustreert de sector. “Het afbreukrisico is hoog, terwijl wij juist ons steentje willen bijdragen aan mooie, goede en duurzame oplossingen. Nu lopen we het risico dat partijen afhaken en veel kennis verdampt.” Volgens Kemp vraagt de nieuwe wetgeving juist om een overheid die de regierol enthousiast oppakt. “We staan achter de nieuwe wetgeving, Maar in de Wet collectieve warmte legt de overheid zichzelf ondernemerschap op. Dat moet je dan wel oppakken. Onze oproep is: maak keuzes en denk in kansen. We hebben nu successen nodig om de uitrol van warmtenetten aan de gang te krijgen.”

Welke publieke partij

Dat het moeilijk is om alle (publieke) partijen binnenboord te houden, blijkt ook uit de recente ontwikkelingen van een warmtenet in Amsterdam. Een coöperatie van burgers in de wijk Middenmeer, MeerEnergie, werkt daar al jarenlang samen met de gemeente en infrabedrijf Firan, een dochter van netbeheerder Alliander, aan de aanleg van een warmtenet. Vorige week bleek uit een brief van de Amsterdamse wethouder Zita Pels dat het project voorlopig stilligt, vooral door een andere interpretatie van de nieuwe wet door de verschillende partijen. “Voor de coöperatie is zeggenschap (door middel van een meerderheidsaandeel) het belangrijkste uitgangspunt voor het buurtwarmtenet,” schrijft Pels. “Firan geeft aan dit niet te willen omdat dit niet past binnen het kader van de Wet Collectieve Warmte. In de toekomst moet binnen de Wcw een publiek bedrijf zoals Firan een meerderheidsaandeel hebben.” De coöperatie gaat nu op zoek naar een nieuwe infra-partij.

Onderwerpen aanpassen

Mijn artikeloverzicht kan alleen gebruikt worden als je bent ingelogd.