Dit schrijft staatssecretaris De Krom van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in de begeleidende brief bij het rapport over ‘Het Nieuwe Werken en de arbeidsrechtelijke regelgeving’ aan de Tweede Kamer. De Krom ziet geen reden voor fundamentele wijzigingen van de arbowetgeving, maar verwacht dat van een aantal kleine aanpassingen een impuls uitgaat voor het Nieuwe Werken. “Die paar kleine aanpassingen in de regels maken het werkgevers gemakkelijker om hun werknemers plaats- en tijdongebonden te laten werken. Ze zorgen daarnaast ook voor minder administratieve lasten”, aldus de staatssecretaris. Een werkgever hoeft bijvoorbeeld niet meer te regelen dat er noodverlichting is als je in de tuin werkt of oordoppen te regelen als je in een stationshal werkt.
Werkgevers en werknemers zijn in de praktijk nog vaak huiverig om meer plaats- en tijdongebonden te werken. Ze denken dan niet aan alle regels te kunnen voldoen. De Stichting van de Arbeid, waarin werkgevers- en werknemersorganisaties zijn vertegenwoordigd, heeft positief geadviseerd op de voorgestelde veranderingen. De staatssecretaris kondigt in zijn brief ook aan af te willen van overbodige of gedateerde Europese of internationale regels bij het plaats- en tijdongebonden werken.
Het – ook voor or-leden zeker interessante – rapport over ‘Het Nieuwe Werken en de arbeidsrechtelijke regelgeving’ bevat enkele kritische opmerkingen over de wijzigingen in de regelgeving, die De Krom voorstelt. Ga hier naar het rapport.
Meer informatie over Het Nieuwe Werken lees je op www.overhetnieuwewerken.nl.




